Werelddag tegen mensenhandel

António Vitorino Directeur-Generaal IOM

De beelden blijven op je netvlies gebrand. Wanhopige gezinnen in smoorhete zeecontainers en gammele boten. Lichamen die op kusten en standen aanspoelen na mislukte reizen. Mensen die beschadigd en gebroken zijn door jaren van misbruik en uitbuiting.

 

Telkens weer worden we gegrepen door verhalen over geweld en uitbuiting van wanhopige mensen voor persoonlijk gewin. Echt schokkend vind ik dat kinderen onherstelbare schade oplopen - soms tot de dood - terwijl hun ouders alleen maar proberen om de toekomst van hun kinderen te verbeteren.

Maar het is niet genoeg: we moeten de mensenhandelaren opsporen. We moeten de overheden van landen die IOM-lidstaat zijn ter verantwoording roepen als ze slachtoffers van de mensenhandel niet beschermen.

In plaats van het opsporen van mensenhandelaren en mensensmokkelaars, pakken veel overheden tegenwoordig helaas de NGO's aan die kwetsbare migranten redden. Het is onrechtvaardig om de redders te bestraffen - zeker als dit gebeurt op bureaucratische gronden, zoals door schepen geen toestemming te geven om aan te meren of door reddingsmissies op zee juridisch onmogelijk te maken. Het is ineffectief en het verspilt de budgetten van de NGO’s en van de betrokken overheidsinstanties.

Ik begrijp dat mensen niet alleen migreren om wanhopige situaties te ontvluchten, maar juist ook om hun ambities te vervullen. Ik erken het legitieme belang van overheden die hun grenzen  beveiligen om migratiestromen te managen. Ik ben me ook bewust dat overheden streven naar een evenwicht tussen de belangen van hun burgers en de humanitaire behoeften van migranten, die misschien niet altijd op één lijn liggen.

We hebben echter allemaal belang bij het respecteren van de menselijke waardigheid en bij het handhaven van mensenrechten.

 

 

Lees de hele toespraak van de directeur generaal op de speciale webpagina